Stationsstraat 5, Tilburg
Inleiding
Voormalig WOONHUIS met KANTOOR en KOETSHUIS uit het derde kwart van de 19e eeuw in Eclectische stijl. Het is gebouwd voor de wollenstoffenfabrikant F. Mutsaerts en in 1922 verbouwd voor de weduwe Mutsaerts-van Diepen. In 1998 is het in gebruik als notariskantoor. De naam van de architect is onbekend. Het object ligt op een L-vormig perceel. Het achterterrein is bereikbaar vanaf de Stationsstraat via een inrit aan de noordkant van het huis. Huis en kantoor liggen met hun voor- of oostgevels op de perceelsgrens aan de Stationsstraat. De rechterzijgevel ligt vrij op het perceel. Het kantoor, dat links van het woonhuis ligt, grenst aan de zuidkant aan de belendende bebouwing. Het koetshuis bevindt zich achter de buurhuizen Stationsstraat 7-9. Bij de verbouwing van het object in 1996 door architect D. Storimans tot kantoor is de voormalige kantooringang vervangen door een raam. De voormalige fabriek gelegen aan de Spoorlaan, in 1998 onderdeel van garage Obam, bevindt zich in noord-oostelijke richting op ongeveer honderd meter hier vandaan.
Omschrijving
Het tweelaagse woonhuis met zolderverdieping wordt gedekt door een leien schilddak met plat. Oorspronkelijk bekroond door een geornamenteerde zinken sierlijst met voluutvormige hoekstukken. Het heeft een rechthoekige plattegrond. Aan de achterkant over de volle breedte van het huis bevindt zich een uitgebouwde eenlaagse serre onder plat dak. De symmetrische voorgevel met middenrisaliet en hoekpilasters is vijf traveeën breed. De risaliet bevat een monumentale ingangspartij met witgeschilderde stucomlijsting. Eikenhouten kozijn met gesneden voordeur en bovenlicht. Hierboven op de tweede bouwlaag een hardstenen balkon met een gietijzeren balustrade rustend op consoles. Dubbele balkondeuren. De andere muuropeningen zijn getoogd. Ze hebben geprofileerde witgeschilderde stuclijsten met kuif en afgeronde bovenhoeken. Hierin houten T-vensters met ramen en afgeronde glashoeken. De benedenvensters hebben bovendien houten rolluiken, aan de binnenkant met harmonika blinden, en in de bovenlichten glas-in-lood. De serre bestaat uit drie houten puien tussen vier penanten. De achtergevel heeft op de tweede bouwlaag eveneens vijf raamtraveeën waarin T-vensters. Het huis heeft een rondlopende fries, kroon- en tandlijst en gestoken gootklossen. In de fries van de voorgevel bovendien dubbele stenen consoles. Op de bovenhoeken van het dak vier schoorstenen. Aan de voorkant drie dakkapellen met een tympaanbekroning. In d...
Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed/rijksmonumenten.info